Ulenhof

 
 

6 Cijfers, rapporten en bevordering

 

Algemene opmerkingen

 

Cijfers blijken een bruikbaar middel om de relatieve prestaties van een leerling (d.w.z. de prestaties van de betrokken leerling vergeleken met die van andere leerlingen uit dezelfde laag) te waarderen en bespreekbaar te maken voor de leraar met de leerling en voor beiden met derden. Wij gebruiken daarvoor de cijfers 1 tot en met 10, eventueel met een decimaal en kennen daaraan de volgende betekenis toe:

1 = zeer slecht
2 = slecht
3 = zeer onvoldoende
4 = onvoldoende
5 = bijna voldoende  
     6 = voldoende
7 = ruim voldoende
8 = goed
9 = zeer goed
10 = uitmuntend 

Het tot stand komen van rapportcijfers en de bespreking ervan

 

De indruk die de leraar van een leerling heeft ten aanzien van een bepaald aspect van het vak dat hij geeft, kan hij uitdrukken in een cijfer. Het is gebruikelijk cijfers te verrekenen tot een zogenaamde ‘totaalindruk’ (rapportcijfer). Men berekent dat door het (eventueel gewogen) gemiddelde te berekenen van de diverse indrukken. Elk rapportcijfer wordt berekend uit tenminste drie waarderingen, behaald uit drie afzonderlijke toetsen, zoveel mogelijk gespreid over de periode (voor één-uursvakken kan met twee toetsen worden volstaan). Door het berekenen van een gemiddelde ontstaan er cijfers achter de komma. Wij ronden die rekenkundig af op een decimaal. Van de aldus verkregen rapportcijfers worden de ouders drie keer per jaar in kennis gesteld. Tijdens speciaal georganiseerde spreekuren kunnen ouders twee maal per jaar aan de hand van deze cijfers de vorderingen van hun kinderen met de betrokken docenten bespreken. Daarnaast is het ook mogelijk, na afspraak, een wat langer gesprek met een of meer docenten, of met de teamleider of conrector te hebben.  Aan het eind van het cursusjaar worden de cijfers, die toegekend zijn voor de laatste periode (Z) verrekend met die van de voorgaande periodes tot een eindcijfer (E).

 

De bevordering

 

Het uitgangspunt

De school wil zich richten op het ontdekken en ontplooien van de mens naar hoofd, hart en hand (schooldoelstelling). Dat impliceert dat bij de bevordering alle vakken meetellen en dat bepaalde opvallende buitenlesactiviteiten van een leerling in een verwante groep van vakken als compensatie aangemerkt kunnen worden. Iemand die bijvoorbeeld voortreffelijke stukken publiceert in de schoolkrant kan daarmee zijn cijfer voor Nederlandse taal ophogen. Een goede presentatie in het kader van Palermo project  kan aangemerkt worden als een spreekbeurt Engels of wat de inhoud betreft meetellen bij een bepaald schoolvak. Het eindrapport is basis van besprekingen in de lerarenvergadering waarin vastgesteld moet worden of de vorderingen van de betrokken leerling zodanig zijn dat de leerling heeft voldaan aan de eisen die gesteld wordenaan de beheersing van de leerstof van het afgelopen jaar. Is dat het geval dan kan de leerling bevorderd worden. Voor deze bevordering gelden de volgende regels:

 

Bevorderingsregels leerjaar 1, 2, 3

De vakken worden ingedeeld in de volgende groepen:

I La, Ne, Fa, Du, En

II Wi, Na, Sk, Bi, Ec, Th, In

III Lb, Ma, Gs, Ak

IV Mu, Ha, Bv, Lo

V Het examenpakket

 

Berekening tekortpunten

De cijfers van 54 tot en met 45 worden geteld als 1 tekortpunt.

De cijfers van 44 tot en met 35 worden geteldals 2 tekortpunten.

De cijfers van 34 tot en met 10 worden geteldals 3 tekortpunten.

 

Compensatieregeling

Een cijfer groter of gelijk aan 75 voor een vakcompenseert een tekortpunt binnen de groep waarin dat vak is ingedeeld. De lerarenvergadering kan besluiteneen prestatie in de buitenlesactiviteiten aan te merken als compensatie voor 1 tekortpunt uitsluitend in een verwante groep.

 

Uitzonderingen

Een leerling die zal doubleren of uitsluitend bevorderd zal worden naar een bepaald schooltype, kan alsnog voor bespreking in aanmerking worden gebracht als hij in de volgende klas een van zijn huidige vakken kan laten vallen en een dergelijk vak nu kan aanwijzen. Hij mag dat vak dan niet meer kiezen; er wordt een tekortpunt minder in rekening gebracht. Bij zeer bijzondere omstandigheden (ziekte, verhuizing e.d.) ter beoordeling van de lerarenvergadering kan er besloten worden een leerling die niet bevorderd kan worden voorwaardelijk te laten plaatsnemen in de naast hogere klas. Twee maal doubleren in dezelfde klas en doubleren in twee opeenvolgende klassen is niet toegestaan. Een leerling die afgewezen wordt voor het eindexamen en die in de op een na hoogste klas gedoubleerd heeft, zal wel voor de tweede maal tot de examenklas worden toegelaten. 

Doubleren in TTO 

Een TTO-leerling die niet bevorderd kan worden naar een volgend TTO-leerjaar, mag niet doubleren in een TTO-leerjaar. Doubleren in regulier VWO behoort wel tot de mogelijkheden.

 

De maximale verblijfsduur

In de mavo-afdeling en in de eerste drie jaren van de havo en het vwo mag een leerling hoogstens een keer doubleren (Art.27 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs).

 

Bevorderingstabel



 


Bevorderingsregels in de Tweede Fase havo-4, vwo-4, en vwo-5

 

Bij het bepalen van de bevordering wordt uitgegaan van het voortschrijdend gemiddelde van alle toetsen (zowel van dossiertoetsen als van niet-dossiertoetsen) van het achterliggende cursusjaar.

 

De bevorderingsnormen voor de overgang van havo-4 naar 5 en van vwo-5 naar 6 zijn afgeleid van de officiële slaag-/zakregeling zoals die geldt aan het eind van de havo/vwo-opleiding. De officiële slaag-/zakregeling (art. 49 Eindexamenbesluit, Uitleg 29 sept. 1999, pag. 25) en dus de bevorderingsnorm in de Tweede Fase luidt als volgt:

 

Een kandidaat (leerling) wordt bevorderd als:

  • alle cijfers 6 of hoger zijn;
  • er één 5 is;
  • één 4 is en gemiddeld een 6;
  • twee 5’en zijn en gemiddeld een 6; • één 5 en één 4 zijn en gemiddeld een 6;
  • alle handelingsdelen ten tijde van de eindrapportvergadering voldoende zijn;
  • het vak ckv met voldoende of goed is afgesloten;
  • aan de volgende voorwaarde betreffende de vakken die in havo-4 en vwo-4/5 worden afgesloten, wordt voldaan: in de vakken die vóór het laatste jaar met een schoolexamen worden afgesloten, komt slechts één onvoldoende voor – na een eventueel herexamen (in een in dat jaar afgesloten vak). Hierbij geldt tevens dat een leerling met een cijfer lager dan 4 voor een van deze vakken (na een herexamen) automatisch is afgewezen. Deze leerling is namelijk op dat moment al formeel gezakt.
  • In havo worden de cijfers voor lb en ma gemiddeld (combinatiecijfer); in vwo hebben alle vakken een gelijk gewicht.

Het eindexamen kent een herkansingsregeling. Deze houdt in dat een kandidaat, die niet in eerste instantie aan de norm voldoet, maar nog wel kan voldoen, de mogelijkheid wordt geboden te herkansen. Een leerling in havo-4, vwo-4 of vwo-5 die niet aan bovenstaande eisen voldoet, maar wellicht middels een herkansing wel zou kunnen voldoen, wordt op de eindrapportvergadering besproken om te bezien of (en onder welke voorwaarden) bevordering naar de voorexamenklas voldoende perspectief biedt op succes. Het advies van de lerarenvergadering in deze is bindend.
 

 Volgende

      
 



Inloggen | disclaimer | webmaster@ulenhof.nl | realisatie SchoolMaster BV